Facebook veroordeeld tot het verstrekken van NAW-gegevens plaatser van wraakporno

CC BY-SA 3.0
CC BY-SA 3.0

Enige tijd geleden behandelde Peter R. de Vries in het programma Internetpesters aangepakt de zaak van Chantal uit Werkendam. Voor degenen die de uitzending hebben gemist, deze kan hier worden teruggekeken.

Achtergrond
In januari 2015 had iemand een nepaccount van haar op Facebook aangemaakt en plaatste daarop een seksfilmpje dat ooit gemaakt was door de toenmalige vriend van Chantal. Dit filmpje werd ontzettend vaak gedeeld en toen Chantal er achter kwam heeft ze Facebook verzocht het nepaccount te sluiten en ook aangifte gedaan bij de politie.

Helaas ondernam de politie niet voldoende snel actie en zodoende werd ook Peter R. de Vries ingeschakeld. Omdat ook met hulp van hem het niet lukte te achterhalen wie de persoon was die het nepaccount had aangemaakt en het filmpje had geplaatst werd besloten een rechtszaak te starten tegen Facebook. Tijdens deze zaak werd geëist dat Facebook deze gegevens aan Chantal diende te verstrekken.

Gegevens gewist
Facebook stelde dat de desbetreffende gegevens gewist zouden zijn, conform hun beleid en dat blijven ze tot op heden volhouden. In het huidige tijdperk lijkt het zeer onwaarschijnlijk dat dit ook werkelijk het geval is en dat absoluut niet te achterhalen valt wie destijds het nepaccount heeft aangemaakt en het filmpje heeft geplaatst.

Uitspraak
Op 25 juni 2015 deed de rechter uitspraak in Kort Geding en wees de vorderingen van Chantal toe.

Tegen de achtergrond van voornoemde feiten en omstandigheden is de voorzieningenrechter van oordeel dat Facebook, door op de valreep te volstaan met de mededeling dat zij niet meer over de gevraagde gegevens beschikt bij het naleven van haar – in dit geval in beginsel aanwezige – rechtsplicht jegens eiseres tot het verstrekken van NAW-gegevens met betrekking tot degene die onrechtmatig jegens eiseres heeft gehandeld, onvoldoende zorgvuldigheid in acht heeft genomen. Daarmee heeft Facebook op haar beurt naar het oordeel van de voorzieningenrechter onrechtmatig gehandeld jegens eiseres.

Van Facebook kan op zijn minst worden gevergd om alles in het werk te stellen om na te gaan of de gegevens toch niet nog ergens traceerbaar zijn en, zo zij erbij blijft dat dit niet het geval is, om aan eiseres antwoord te geven op de onder 4.8 en 4.9 genoemde vragen. In het verlengde daarvan ligt besloten dat in het geval Facebook volhardt in haar standpunt dat geen enkel gegeven meer te vinden is, eiseres in dit geval recht op en belang heeft bij een onafhankelijk onderzoek naar de juistheid van de mededelingen van Facebook op dit punt.

Dit betekent dat Facebook uiterlijk op 9 juli a.s. de NAW-gegevens van de persoon die het nepaccount heeft aangemaakt, gebruikt en het verwijderd. Mocht Facebook hier niet toe in staat zijn (vanwege het feit dat zij bij het standpunt blijven dat gegevens zijn verwijderd) dan dient Facebook medewerking te verlenen aan een onafhankelijk onderzoek. Ik ben erg benieuwd naar de uitkomsten hiervan.