Interessant: tweets waarbij prijzen te winnen zijn

Op twitter zie ik ze regelmatig voorbijkomen: onder de eerste zoveel nieuwe volgers verloten we mijn nieuwst boek of bijv. een gratis coachingssessie. Maar ook: “re-tweet dit bericht en wellicht win jij de volgende prijs.”

De vraag is of dit soort acties altijd zomaar zijn toegestaan?

Wet op de kansspelen
De Wet op de Kansspelen verbiedt het zonder vergunning gelegenheid geven om mee te dingen naar prijzen. Je hebt dus in principe een vergunning nodig om een kansspel te mogen aanbieden. Hierop bestaan 2 uitzonderingen.
1. wanneer er eigenlijk geen prijzen worden uitgegeven (mag ook niet verkapt)
2. wanneer het kansspel niet voor publiek is opengesteld en ook niet bedrijfsmatig wordt georganiseerd (bijv. een spel met en voor vrienden)

Bij de door mij aangehaalde voorbeelden worden wel degelijk prijzen uitgegeven. Het is dan dus de vraag in hoeverre het kansspel (de loterij) bedrijfsmatig wordt aangeboden. Alleen wanneer het kansspel op persoonlijke titel wordt georganiseerd (de prijs dus ook niet wordt uitgegeven door een bedrijf maar door een natuurlijke persoon) en niet voor publiek is opengesteld, zou het toegestaan zijn.

De volgende vraag is dan of twitterberichten voor het publiek zijn opengesteld. Zoals Arnoud Engelfriet in zijn blog al vermeldde is een twitterbericht in principe voor iedereen leesbaar (tenzij iemand zijn tweets afgeschermd heeft).

De voorbeelden die hierboven worden beschreven vallen alleen hierom al niet onder de uitzonderingen die genoemd worden in de Wet op de kansspelen.

Promotionele kansspelen
Wanneer dus door iemand via een twitterbericht een prijs te winnen valt is dit dus in principe verboden onder de Wet op de Kansspelen. Eventueel is het mogelijk dat dergelijke acties zijn toegestaan als promotioneel kansspel. Een promotioneel kansspel is het, bij wijze van promotie, geven van gelegenheid om mee te dingen naar prijzen. Promotionele kansspelen mogen uitsluitend ter promotie van een product, dienst of organisatie dienen. Als aanbieder mag je maximaal éénmaal per jaar per product, dienst of organisatie een promotioneel kansspel aanbieden.

Gedragscode Promotionele Kansspelen
In de Gedragscode Promotionele Kansspelen zijn de voorwaarden vermeld waaronder een dergelijk kansspel is toegestaan. In mijn eerdere blog van 15 juli 2010 heb ik enkele voorwaarden vermeld. De aanwijzing van de winnaars moet door enige kansbepaling gebeuren waarop de deelnemers in het algemeen geen overwegende invloed kunnen uitoefenen. De totale economische waarde van de beschikbaar gestelde prijzen of premies per promotioneel kansspel bedraagt maximaal € 100.000,- per jaar. Er dienen algemene spelvoorwaarden te worden opgesteld.
De aanwijzing van winnaars dient op onpartijdige wijze te geschieden. Op meerdere manieren kan het begrip ‘op onpartijdige wijze’ worden ingevuld bij het toekennen van prijzen door:
a. een notaris;
b. een gerechtsdeurwaarder;
c. een persoon die geen direct belang heeft bij de aanbieder of het aangeboden spel;
d. een instrument (bijvoorbeeld een computer) dat op onpartijdige wijze tot aanwijzing van winnaars kan komen.

Voor meer informatie zie de site van de overheid.

Conclusie
De twittervoorbeelden zoals hier beschreven zijn dus ook zeker niet zonder meer toegestaan. Men dient te voldoen aan de Gedragscode Promotionele Kansspelen. Als hier niet aan wordt voldaan is dit een schending van de Wet op de Kansspelen met alle mogelijke gevolgen (straffen/boetes) van dien.

Advertenties

Weet u met wie u zaken doet op internet?

Tijdens een interessante netwerkbijeenkomst waarbij ik werd geïnterviewd op het gebied van het tot stand komen van contracten en algemene voorwaarden kwam een van de aanwezigen met een interessante vraag waar ik even dieper op in ga.

Hoe ver moet je als dienstenverrichter gaan om de partij met wie je zaken doet te identificeren en hoe zit het met aansprakelijkheden als later blijkt dat de gegevens niet juist waren. “In real life” (irl) zoals het zo mooi heet is dit nog wel mogelijk maar op internet valt dit niet altijd mee.

Privacy was uitgangspunt

Lange tijd was recht op regie over je persoonsgegevens op internet het uitgangspunt Volgens hoogleraar Corien Prins komt een dergelijke recht op de regie over persoonsgegevens in de buurt van een recht op anonimiteit. (“What’s in a name? De juridische status van een recht op anonimiteit.”) Inmiddels is steeds meer duidelijk geworden dat privacy weliswaar erg belangrijk is maar dat dit nog zeker niet het recht geeft op anonimiteit. Je ziet dat de regelgeving hierin probeert te voorzien.

Wetgeving

Een bedrijf is verplicht om bij het aanbieden van een elektronische dienst zijn identiteit, vestigingsplaats en KVK-nummer te melden (artikel 3:15d BW).

Maar als iemand niet handelt als bedrijf is het mogelijk om vrij anoniem te blijven op het internet. In dat geval is iemand alleen te achterhalen via zijn IP-adres en alleen de provider weet welk IP-adres bij welke persoon hoort. In speciale gevallen kan de provider verplicht worden gesteld de NAW-gegevens van de desbetreffende persoon kenbaar te maken.

Handelsregisterwet

Voor iedereen met een inschrijving in het handelsregister geldt bovendien vanaf 1 januari 2006 dat zij verplicht zijn het KvK-nummer te vermelden op alle uitgaande correspondentie. Dit volgt uit de wijziging van de Handelsregisterwet. De achtergrond van deze wijziging is dat de contractspartij eenvoudig te identificeren moet zijn voor de wederpartij.

In theorie zou een onderneming voor het niet naleven van deze verplichting zelfs kunnen worden veroordeeld tot een gevangenisstraf, aangezien het een zogeheten “economische delict” betreft. In de praktijk zal dit wel meevallen maar het is op zijn minst aan te raden om het KvK-nummer op de website te vermelden en ook op te nemen in de ondertekening van bijv. uitgaande e-mail.

In principe zijn bedrijven dus verplicht zich te identificeren conform art. 3:15d BW en de Handelsregisterwet. Maar hoe zit het nu bij het afsluiten van contracten?

Vereiste schriftelijke overeenkomsten
In veel gevallen is het niet nodig om een contract schriftelijk aan te gaan. In sommige gevallen dient een overeenkomst volgens de wet schriftelijk tot stand te komen, bijvoorbeeld in het geval van het kopen van een woning door particulier. Een van de vereisten waaraan conform artikel 227a boek 6 BW moet worden voldoen om een overeenkomst die schriftelijke tot stand dient te komen via e-mail te sluiten is het vereiste dat de partijen identificeerbaar moeten zijn. Dit komt er op neer dat je bij het sluiten van een overeenkomst wel moet weten met wie je zaken doet.

Aan dit vereiste kan worden voldaan door de overeenkomst te voorzien van digitale handtekeningen van partijen (artikelen 3:15a – 3:15c BW). Zie hiervoor ook mijn eerdere blog van 24 september 2010.

Bevoegd om op te treden?
Bijna even belangrijk is om te controleren dat de persoon met wie u concreet afspraken maakt ook bevoegd is te handelen namens contractspartij. Dit kan bij een bedrijf relatief eenvoudig via het handelsregister van de KvK en bij particulieren is het handig te verzoeken om een kopie van het identiteitsbewijs.

Uiteraard blijft degene met wie u de afspraken hebt gemaakt aansprakelijk voor zijn of haar handelen maar u loopt daarbij het risico dat deze partij geen verhaal biedt of zelfs helemaal niet op te sporen is.